Bondsrepubliek Duitsland voor het eerst alleen bij het Internationaal Gerechtshof aangeklaagd
Vaduz/Den Haag, 1 juni 2001. Duitsland moet zich voor het eerst alleen voor het Internationaal Gerechtshof in Den Haag verantwoorden. Het vorstendom Liechtenstein heeft vanmorgen door zijn speciaal zaakgelastigde en procesgevolmachtigde Dr. Alexander Goepfert, advocaat van het internationale advocatenkantoor Freshfields Bruckhaus Deringer te Düsseldorf, een klacht tegen de Bondsrepubliek Duitsland laten indienen wegens voortgezette schending van het volkenrecht sedert 1998.
Achtergrond van deze klacht is de behandeling door de Bondsrepubliek van vermogen van Liechtenstein op het grondgebied van voormalig Tsjecho-Slowakije. Dat vermogen wordt op grond van een Duitse rechterlijke uitspraak in 1998 behandeld als buitenlands Duits vermogen dat voor de betaling van Duitse oorlogsschulden mag worden gebruikt. Duitsland weigert tot nu toe Liechtenstein hiervoor schadeloos te stellen. Liechtenstein wil nu dat het Internationaal Gerechtshof als het voornaamste gerechtelijk orgaan van de Verenigde Naties verklaart dat Duitsland de regels van het volkenrecht overtreedt. In de aanklacht staat dat de Bondsrepubliek de soevereiniteit van de sedert 1806 zelfstandige en in beide wereldoorlogen neutrale staat Liechtenstein minacht en de eigendomsrechten van de Liechtensteinse staatsburgers schendt. Daarnaast stelt Liechtenstein dat Duitsland tot nu toe heeft nagelaten Liechtenstein en zijn staatsburgers schadeloos te stellen. In verband hiermee vordert Liechtenstein van het Hof dat dit de Duitse Bondsrepubliek volkenrechtelijk aansprakelijk verklaart. Tevens eist Liechtenstein dat Duitsland veroordeeld wordt tot betaling van een schadevergoeding voor de geleden schade en verliezen.
Liechtenstein ziet zich voor de handhaving van zijn soevereiniteitsrechten en in het belang van zijn staatsburgers gedwongen tot de gang naar het Internationaal Gerechtshof, omdat Duitsland na ongeveer twee jaar diplomatiek overleg weigert ook maar in onderhandeling met Liechtenstein te treden. Het officiële regeringsbesluit tot indiening van de klacht werd op 23 januari 2001 genomen.
Rechtstreeks gedupeerden zijn met name een aantal Liechtensteinse families van wie het vermogen op het grondgebied van voormalig Tsjecho-Slowakije na 1945 op grond van de "decreten van de regering Benesz" zonder schadeloosstelling onteigend is. Het gaat o.a. om aanzienlijk land- en bosbezit, huizen en kastelen met inboedel, kunstvoorwerpen en bedrijven.
De Duitse regering heeft tijdens het diplomatiek overleg het standpunt bevestigd, dat dit door de toenmalige machthebbers in Tsjecho-Slowakije geconfisqueerde vermogen van Liechtensteinse staatsburgers als buitenlands Duits vermogen moest worden behandeld en voor betaling van Duitse oorlogsschulden mocht worden gebruikt. Het Duitse Ministerie van Buitenlandse Zaken beroept zich daarbij op de uitspraak van het Bundesverfassungsgericht - het Duitse constitutionele gerechtshof - van 28 januari 1998.
De ontvankelijkheid van de klacht bij het Internationaal Gerechtshof volgt uit het "Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen" uit 1957, waarmee zowel Duitsland als Liechtenstein zonder voorbehoud hebben ingestemd. Dit verdrag is tussen beide landen op 18 februari 1980 van kracht geworden.
Om de eisen van de staat en zijn onderdanen kracht bij te zetten, heeft Liechtenstein een groep prominente juridisch adviseurs ingesteld. Behalve de reeds genoemde advocaat Dr. Alexander Goepfert behoren daartoe de internationaal bekende volkenrechtdeskundigen prof. dr. James Crawford uit Cambridge (speciaal rapporteur over het onderwerp "volkenrechtelijke aansprakelijkheid van staten" van de International Law Commission van de Verenigde Naties), prof. dr. Gerhard Hafner (universiteit Wenen) en prof. dr. Dieter Blumenwitz (universiteit Würzburg).
Tevens maakt Liechtenstein gebruik van zijn recht om voor het proces een "ad hoc-rechter" in het uit 15 leden bestaande Internationaal Gerechtshof te benoemen. Voorgedragen wordt de wereldwijd gezaghebbende volkenrechtdeskundige Ian Brownlie, hoogleraar in Oxford, die reeds in een aantal geschillen voor het Hof is opgetreden.
Aanwijzingen voor de redactie:
Voor vragen of meer informatie kunt u contact opnemen met:
Dr. Alexander Goepfert,
speciaal zaakgelastigde en
procesgevolmachtigde van het
vorstendom Liechtenstein
- Persvoorlichting -
Tel.: +49 (0)211-4878 990 / -991 / -992
Fax: +49 (0)211-4878 999
Extra informatie is tevens te vinden op internet:
www.liechtenstein-icj-case.com